In het kort
- Vorig seizoen kwam Kostons per negentig minuten tot 36,8 balcontacten, Van Hooijdonk bij NAC tot 34,2.
- Op sleutelpasses ontliepen ze elkaar niets: 0,69 om 0,75.
- Van Hooijdonk schoot vaker (2,77 om 1,90) en ging vaker het luchtduel in (6,30 om 4,95).
- PEC speelt 4-3-3, dus de twee zouden concurrenten zijn voor één plek.
Sydney van Hooijdonk staat bekend als de spits die in de zestien wacht en Koen Kostons als de spits die de bal komt halen. Leg hun Eredivisie-wedstrijden van vorig seizoen naast elkaar en dat onderscheid houdt maar half stand. Ze raken de bal ongeveer even vaak. Waar ze wel uiteenlopen is wat ze er vervolgens mee doen.
Wat de reputaties zeggen
Laten we beginnen bij het beeld dat er ligt. Gerald Sibon, in 2023 assistent bij sc Heerenveen, omschreef Van Hooijdonk in het Algemeen Dagblad zo: “Hij is niet een fijnbesnaarde voetballer, maar wel heel fit en hij staat toch altijd op de goede plek. Dat is wel een kwaliteit die je graag bij een spits ziet. Hij heeft wel een bepaalde neusje voor de goal.”
SciSports kwam datzelfde voorjaar tot een vergelijkbare typering. In hun model is Van Hooijdonk een ‘aasgier’: een spits die vooral binnen het zestienmetergebied bij het spel betrokken is, zelf weinig kansen creëert en zich nauwelijks met verdedigen bemoeit. De tegenhanger is de mobiele spits, die de bal ook buiten de zestien vraagt.
Op één punt houdt dat beeld wel stand. In de Eredivisie gaf Van Hooijdonk drie assists in 93 wedstrijden. Kostons gaf er zes in 38.
Dat komt niet doordat Kostons vaker op het middenveld stond. Transfermarkt telt bij Kostons 137 wedstrijden als centrumspits. Daarin gaf hij er 35. Zijn 55 duels als aanvallende middenvelder leverden er zeven op.
Eén cijfer dat rond Van Hooijdonk circuleert verdient een voetnoot. Hij staat op 99 doelpunten, maar 42 daarvan maakte hij in de jeugd van NAC. In het betaald voetbal zijn het er 57 in 215 wedstrijden.
Wat de wedstrijden zeggen
Vorig seizoen speelden ze allebei in de Eredivisie, allebei als spits van een ploeg uit de onderste helft. Dat maakt een eerlijke vergelijking mogelijk. Alles hieronder is per negentig minuten.
| Per 90 minuten | Kostons, PEC 25/26 | Van Hooijdonk, NAC 25/26 |
|---|---|---|
| Speelminuten totaal | 2.890 | 1.200 |
| Balcontacten | 36,8 | 34,2 |
| Passes | 23,4 | 20,5 |
| Sleutelpasses | 0,69 | 0,75 |
| Luchtduels | 4,95 | 6,30 |
| Schoten | 1,90 | 2,77 |
| Buitenspel | 0,56 | 0,45 |
Twee komma zes balcontacten verschil. Dat is minder dan één per half uur. De spits die niet zou meedoen aan de opbouw raakt de bal bijna even vaak als de spits die daar zijn handelsmerk van maakte.
Op sleutelpasses staat Van Hooijdonk zelfs iets hoger. Ook in 2024/25 bij NAC was dat zo, met 0,81 om 0,69.
Het buitenspel wijst dezelfde kant op. Wie verwacht dat de aasgier vaker op de schouder van de laatste man wordt gepakt, komt bedrogen uit: Kostons stond vaker buitenspel dan Van Hooijdonk.
Waar ze wel uiteenlopen
Twee kolommen laten wel een verschil zien. Van Hooijdonk schoot bijna anderhalf keer zo vaak en ging vaker het luchtduel in.
Dat sluit aan bij hoe zijn doelpunten vallen. Van de vierendertig treffers die hij sinds 2021 maakte, kwamen er zeven uit een kopbal en zes uit een rebound. Bij Kostons is die rebound-teller sinds zijn komst naar Zwolle nul, terwijl hij er drie op de counter maakte.
| Manier van scoren | Van Hooijdonk (34) | Kostons (14) |
|---|---|---|
| Schot met rechts | 13 | 5 |
| Kopbal | 7 | 2 |
| Rebound | 6 | 0 |
| Strafschop | 5 | 1 |
| Schot met links | 2 | 3 |
| Counter | 1 | 3 |
Zes doelpunten uit een terugspringende bal is het meest kenmerkende cijfer dat er ligt. Dat zijn zes keer dat hij stond waar de bal terugkwam.
Wat de rendementen betreft ontliepen ze elkaar vorig seizoen weinig. Kostons maakte elf doelpunten in 2.890 minuten, Van Hooijdonk vijf in 1.200. Per negentig minuten scoorde Van Hooijdonk zelfs iets vaker, met meer schoten om er te komen.
Wat er dit seizoen is veranderd
Bij Kostons springt dit seizoen één cijfer eruit. Zijn luchtduels gingen van 4,95 naar 10,3 per negentig minuten. Dat is een verdubbeling in vier wedstrijden.
Dat zegt meer over de ploeg dan over de spits. PEC speelde tegen NEC vierenzestig lange ballen, meer dan in welke wedstrijd dit seizoen ook. Dertig daarvan kwamen van Schendelaar. Wie voorin staat, kopt dan vaker.
Zijn balcontacten zakten in diezelfde vier duels van 36,8 naar 32,8. Zijn schoten stegen van 1,90 naar 2,52.
Eén plek, twee invullingen
Van der Vegt speelt 4-3-3. Er staat één spits voorin, dus Van Hooijdonk zou niet naast Kostons komen maar tegenover hem.
De keuze gaat dan niet over meespelen tegen wachten, want daarin schelen ze minder dan gedacht. Ze gaat over schieten tegen afmaken. Van Hooijdonk zoekt vaker het doel en heeft er meer pogingen voor nodig. Kostons kwam vorig seizoen met minder schoten tot meer goals. Daar kwamen nog zes assists bij.
Er is nog een verschil dat niet in de tabel staat. Van Hooijdonks zestien-doelpuntenseizoen ligt drie jaar terug. Sindsdien speelde hij voor vijf clubs en kwam hij tot acht treffers. Alleen bij NAC Breda hield hij een basisplaats. Kostons speelde dit seizoen elke minuut van elke wedstrijd.
Bronnen: Sportmonks (wedstrijddata), Transfermarkt, FootballTransfers en SciSports, Algemeen Dagblad, eigen berekeningen
Elke vrijdag het beste van Vak Blauw in je mail
Eén mail per week, de sterkste stukken en het programma. Afmelden kan altijd.





